Zondag 22 maart

Zondag 22 maart

Ik praat over en weer met een vriendin. Ze heeft twee jobs, één in de horeca een andere in de kapperszaak van haar mama. Het restaurant is zoals alle andere horeca gesloten. Maar het kapsalon is (en mag) nog steeds open. Begrijpen wie begrijpen kan, want als kapper is het onmogelijk om 1,5 meter social distance te respecteren.

Mijn kapster is al van begin van de week dicht. Ze wil het risico niet lopen, niet voor ons, noch voor haar. De afspraak die ik woensdag had is niet doorgegaan. Lang geleden dat mijn originele haarkleur zo sterk aanwezig was.

De mama van mijn vriendin heeft het moeilijk, ze ziet haar zaak, een bedrijf waar ze ze goed als héél haar leven aan gebouwd heeft, leeg lopen. Er mag maar één persoon tegelijk aanwezig zijn in de zaak, maar zij werken samen, moeder en dochter. Ook bellen véél klanten hun afspraak af, uit angst. “Wij zijn nog jong, wij kunnen nog opnieuw beginnen, maar niet mijn mama”, zegt ze.

We praten nog even over wat ons bezighoudt, wat we aan het doen zijn. Wanneer ik haar vertel dat ik mijn huidige strategie : ‘Just go with the flow’ is, vind ze dat ik mij dringend moet herpakken, iets moet ondernemen en wel nu. Wanneer we ons gesprek afsluiten, agreeen we to disagree.

’t Lief rijdt vandaag naar Eindhoven. De renners, die bij ons logeren, boekten een vlucht naar huis. Ze dachten eraan de quarantaine in België uit te zitten aangezien de maatregelen in de UK nog niet zo streng zijn, wij niet mogen werken en dus hier, met vier cocoonen. Maar aangezien wielerwedstrijden worden afgelast en maatregelen steeds strenger worden, gaan de broers terug naar hun familie. Met de nodige afstand, zonder kus, knuffel, handdruk of enig ander lichamelijk contact, zeggen we elkaar tot snel.

De week voorafgaand aan de luchthaven trip werd er héél wat gesproken over of het nu wel of niet mag, de grens over steken. Het maakt mij kwaad. Ik zie het probleem niet, wij zijn een gezin samen in de wagen en zij gaan naar huis. Dus wagen we het erop. De snelweg in België is nagenoeg leeg. In Nederland is het drukker. Aan de grens staan combi’s maar ’t lief wordt onderweg niet tegenhouden. De jongens zijn veilig en wel thuis.

In de namiddag rommel ik in mijn verleden. Ik ben een nostalgische verzamelaar en hou héél véél dingen bij. Vandaag ga ik door papieren en alle slechte herinneringen vliegen, zonder pardon, de bak in.

Wanneer het lief thuiskomst kijkt hij Milaan San Remo. Even lijkt het een normale zondag. Maar wanneer ik Michel Wuyts, de renner Popovytsj hoor noemen, weet ik dat het beeld niet klopt met werkelijkheid. De Australiër Matthew Goss wint de koers.

3.401 Besmettingen
75 Overleden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *