Onderbroek

Onderbroek

Ik draag je, voor de allereerste keer, onder mijn luchtig oranje zomerkleedje.

Ik kocht je op aanraden van mijn zus. Jij, vergezelt met je collega’s in een pakje van drie. Je gaf aan dat je naadloos was en van zacht katoen. Maar ik voel je. Je stiksels snijden in mijn liezen. Je etiket met vermelding van je merkt, afkomst, samenstelling en wasinstructies kriebelt aan mijn reet. Ik wil je weg, NU. In de lade zoek ik een schaar. Ik doe je niet uit, geen zin in. Ik plooi me 90 graden en snij het met een half oog weg. Ondertussen maak ik een slip in je kanten hoofding. De overblijfsel van het etiket irriteert aan mijn onderrug. Ik vind je niet fijn, je nijpt nog steeds aan mijn bips en in mijn liezen. Boos trek ik je uit.

Kan ik zonder naar het bankkantoor? Moet ik naar boven voor een nieuwe onderbroek? Geen zin in, geen tijd voor, niet vandaag. Ik passeer langs het wasrek en graai naar mijn oude, vertrouwde uitgerafelde slip. Ik trek ze aan, ze voelt nog wat klammig, maar dat deert me niet. Mijn billen omhult door hun oude vertrouwde stofje, thuiskomen noemen ze dat.

En jij, mijn liefst nieuwe aanwinst. Jij belandt samen met je medewerkers in de vuilbak. Jij bent ontworpen voor meisjes met een poepke. Niet voor dames met een kont als mijne.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *